Archive for the ‘writing’ Category

Moeten mannen met baarden zijn…


2009
10.05

Thomas Dybdahl

Het laten groeien van een baard. Voor velen een bron van creativiteit. Het prikt. Het kriebelt. Leidraad tot wat moois. Voor mij slechts kriebels op mijn kin. Kriebels op mijn wang. Doch met mijn gelaat weer glad blijft ook mijn blog nog kaal. Geen zwarte draden die uit mijn toetsenbord schieten. Schrijven wil even niet. Alsof de grote drie die nog moet komen, toch al is gearriveerd.

De kadans van mijn werk, slechts doorbroken door het ritme van muziek. Muziek van mannen met baarden. Mannen met namen: Thomas, Patrick, Kjartan en soms ook Mauro. Mannen die zingen. Met in hun handen een gitaar of onder hun vingers glanzende toetsen wit en zwart. Ze kleuren mijn leven en vullen nu op mijn blog het lege gat.

Twitteren met Doornroosje


2009
05.02

doornroosje

Het sprookje van de prins, het witte paard en oranje prullaria. Ruw verstoord door een Japanner van klein formaat. Ongewild opgevoerd en afgeserveerd. Nu niet eens door een boze heks. Zo een (on)gezegend met een wrat op neus, bezem onder haar gat en een puntige muts met knak op haar kruin.

Ook niet door familie. Schoon en eng. Vastgeketend zoals zij zijn, door voormalig chef van land en keuken, Kok. Vastgetekend aan het land van herkomst. Het land van Patagonië, Cvitanich en beef Chimichurri.

Doch door een ‘gewone’ sprookjesfigurant. Smetteloos blank. Slechts door zijn lengte zo bij tijd opvallend tussen dwergen, elfjes en kabouters. Zo hadden de gebroeders Grimm het toch niet bedacht? Ongewild een thriller en tranentrekker van lectuurformaat. Met open eind. Zelfs De Cock, gewapend met een fles cognac, komt er niet uit.

Gelukkig weet ik dat sommige sprookjes nog wel bestaan. Verder gaan. Kilometers verwijderd van plaats delict voegt Doornroosje zich bij mij. Ontwaakt uit haar diepe slaap. Ontsnapt, voor even, aan alle sparende klanten van Albert Heijn. Liever wil ze immer(s) bij mij zijn. Om mijn dag koninklijk oranje en liefdelijk roze te kleuren in plaats van bloedrood en Suzuki-zwart.

’s Avonds kus ik haar tot ziens. Slapen immers op een werkdag doet zij het liefst nog alleen. Zoals de mensen haar kennen. Zodat het volk het sprookje krijgt dat het wil. Doch soms zo ondertussen stuur ik haar een sms en vraag: “Als de mensen zoveel van je houden, waarom twitter je dan niet?” “Ach Jinne, het mogelijke succes van Twitter is een sprookje. Doch ken je klassiekers. In ieder sprookje is er maar één prins (en soms een oger genaamd Shrek).”

En zo sliepen ze nog lang en gelukkig.

Jinne, ontwaak!


2009
04.16

slaapkop

Het wordt weer tijd voor een nieuwe editie van je blog, jij kleine blonde pyjama man!

Ik en Mari


2009
03.30

mari1

Mensen vragen mij weleens: “Jinne, het liefste worden, wat word jij dan?” Beroemd worden zeg ik thans. Een korte frons en giechel volgt. De wens afgedaan als een wens voor een kind zo klein. Een beroemde Nederlandse Jinne tussen de brandweermannen, politie-agenten en advocaten. Beroemd worden wil ik echter niet worden voor de centen. Beroemd wil ik niet worden voor de belangstelling. En beroemd wil ook ik niet worden voor de vrouwen aan elke vinger minstens één.

Leuke bijkomstigheden. Ik geef ‘t toe. Doch ík wil beroemd worden vanwege Mari. Mari van der Ven. Geen Maik of Leco voor mij, Mari is het helemaal. Al de eerste keer dat ik hem zag. Zo tussen Hans en Mireille op een tijdstip dat koffie wenst. Sindsdien wil ik mijn koffie ook immer zwart. Zwart als de coupe. Zwart als de gezond gestylede ochtendbaard. Zwart als de eyeliner waarmee hij ieder maal een glimlach tekende op mijn gezicht.

Een glimlach nog veel groter als ik mij straks dankzij mijn pennetje tussen ‘zijn’ talenten begeef: Vanessa, Sylvie, Jinne.

Of wel: het wordt weer tijd voor de een bezoek aan de kapper (en misschien ook iets anders).